HAALT KALKWASSER FOSFAAT UIT HET WATER?
Terwijl de zeeaquariumhobby zich over de laatste twintig jaar heeft ontwikkeld, zijn er verschillende methodes gebruikt om het calciumgehalte in het zeeaquariumwater op peil te houden. Een van de methodes is water verversen met zeewater gemaakt van een met calcium verrijkt zeezout zoals Reef Crystals. Veel hobbyisten kozen echter voor een andere methode. Zij gebruiken calcium toevoegingen om het hoge calciumgehalte van 400 tot 450 delen per miljoen (ppm; parts per million) te bereiken.
Er zijn twee soorten toevoegingen die hiervoor gebruikt worden. Calcium hydroxyde, in de vorm van ”kalkwasser” en calcium chloride. Beide methodes hebben hun eigen aanhangers al kiest de meerderheid voor het gebruikt van “kalkwasser” als onderdeel van het dagelijks aanvullen van het verdampte water in het aquarium.
Een van de theorieën waarom calcium- hydroxyde betere resultaten zou geven dan calcium-chloride was dat de hoge PH en het hoge calciumgehalte in de calcium- hydroxyde oplossing, fosfaat in zoet water zou laten neer slaan. Hierdoor zou de kunstmest voor algen uit de oplossing gehaald worden. Hoe dit effect wordt bereikt is niet beschreven. Delbeek en Sprung, wijzen in hun boek "the reef aquarium" (1994, Ricordea Publishing) er op dat fosfaat in “kalkwasser” mogelijk neerslaat als het aan zeewater wordt toegevoegd. Er vormen zich witte wolkjes op de plaats waar “kalkwasser” in het zeewater druppelt. Deze witte wolkje zouden fosfaat kunnen bevatten. Maar, op dat moment is het fosfaat al in het aquarium en zal zich waarschijnlijk gaan binden aan de stenen en op de bodem waar het door algen verbruikt kan worden. Een andere suggestie is dat het fosfaat achter blijft in het sediment wat in de fles achter blijft na het afgieten van het “kalkwasser”. Dit klonk aannemelijk en we besloten dit te gaan testen.
We vulden twee keer 1 liter gedistilleerd water aan met een stamoplossing fosfaat totdat we een oplossing van 1,0 milligram fosfaat per liter (mg/l) hadden. In een van de oplossingen voegden we 1,5 gram (gr) calcium hydroxyde toe terwijl in de andere oplossing niets werd toegevoegd. Beide oplossingen lieten we tot rust komen. Een week lang testten we beide oplossingen dagelijks. In de oplossing met calcium hydroxyde zakte het fosfaat gehalte minder dan 50% in twee dagen. Pas na 5 dagen was 90% van het fosfaat neergeslagen. Dit resultaat werd ondersteund door twee eerdere onderzoeken die aantoonde dat het fosfaat in “kalkwasser” maar heel langzaam zakt. Dit houdt in dat wanneer “kalkwasser” na het aanmaken snel gebruikt wordt het fosfaat gewoon in het aquarium gegooit word.
Dan volgt de vraag, wat doen we met het sediment van het “kalkwasser”? Als dit in de fles blijft zitten en het wordt iedere keer weer gebruikt kan er een aanzienlijke fosfaat opbouw plaatsvinden in het sediment. Als dit sediment in het aquarium terecht komt (ook kleine hoeveelheden als bij het afgieten iets mee komt), zal dit een fosfaat stijging in het aquariumwater veroorzaken. Het beste is het als iedere keer nadat er “kalkwasser” is gemaakt is het sediment wordt afgedankt.
Deze test wijst uit dat alleen maar een kleine hoeveelheid fosfaat uit “kalkwasser” wat binnen twee dagen na aanmaken wordt gebruikt is verwijderd. Mocht het toevoegen van “kalkwasser” beter zijn dan het toevoegen van calcium chloride dan moet daarvoor een andere rede zijn dan de fosfaatverwijdering door "kalkwasser" en worden getest.


Copyright Aquariumhobby Nijverdal © 2002