Blauwalg, het kan iedereen overkomen, of je nu pas een bak opstart, of dat je bak al jaren draait. In een keer zijn ze er.
Soms in kleine plekjes, soms de hele bak overwoekerend en alle planten verstikkend. In dit artikel wat meer informatie
over deze kleine vervelende dreumesen.
Blauwalgen, zijn eigenlijk bacteriën die in staat zijn tot fotosynthese. Om het ingewikkeld te maken niet alle blauwalgen
zijn blauw. Blauwalgen hebben pigmenten phycobiline genaamd. De blauwachtig/groene kleur danken ze aan het pigment
phycocyanine. De rode versies danken hun kleur aan het pigment phycoerythrine. Door deze pigmenten kunnen deze algen
gebruik maken van licht voor fotosynthese op golflengtes waar het chlorofyl en de carotenoïden niet meer goed werkzaam
zijn. Dit betekend dat door die pigmenten blauwalgen het ook goed doen onder blauwachtig licht, waar planten het minder
goed doen. Ook de slijmlaag bepaald de kleur zodat blauwalgen ook de kleuren goud, geel, bruin, blauw, violet en blauw
zwart kunnen krijgen.
Blauwalgen kunnen zwevend in het watervoorkomen, als een dekentje op de bodem of drijvend aan het oppervlak. Er zijn zelfs
blauwalgen die een soort straalaandrijving hebben waardoor ze zich kunnen verplaatsen. Ze scheiden hierbij een soort slijm
uit.
Blauwalgen kunnen leven in alkalisch maar ook in zacht water. Wel blijken ze het moeilijker te krijgen met een pH onder de
6,0. Er is dan veel energie nodig om de H+ protonen buiten de cellen te houden. Ik denk dat dit komt doordat de wand van
de blauwalg gevoeliger is dan de steviger celwand van de groene en rode algen. Lage of hoge temperaturen deert ze weinig
en je vind ze dan ook van het Arctisch gebied tot in de tropen.
Sommige blauwalgen zijn in staat om stikstof (N2) rechtstreeks uit de atmosfeer te halen. Planten kunnen dit niet en in
een omgeving met weinig ammonia(k), nitriet en nitraat in het water geeft dit de blauwalgen een voorsprong op de planten.
Planten kunnen namelijk geen stikstof rechtstreeks uit de atmosfeer halen. Echter niet alle blauwalgen kunnen dit, alleen
de soorten die Heterocysten hebben. Dit zijn de verdikkingen op het plaatje. Deze verdikte cellen zijn in staat stikstof
te binden en door te spelen naar de overige cellen.
Uit een aantal Russische en Amerikaanse onderzoeken is naar voren gekomen dat blauwalgen vooral optreden bij naar
verhouding lage gebonden stikstof waarden (zonder de in het water opgeloste N2 meegerekend) en hoge fosfor waarden. Let
wel het gaat dus om de verhouding tussen stikstof en fosfor!!
Een hoge waarde voor stikstof of fosfor op zich is van minder invloed op het wel of niet optreden van blauwalg. Het gaat
dus om de verhouding tussen stikstof en fosfor. Is de verhouding gunstig voor blauwalg dan zullen de hoge waarden uiteraard
wel een grotere groei te zien geven.
Er is weinig kans op blauwalg als de verhouding Stikstof/Fosfor (N:P) groter is dan 20:1 Om het leuk te houden, bij deze
verhouding wordt de kans op groene alg weer groter. Er is grote kans op blauwalg als de verhouding Stikstof/Fosfor kleiner
is dan 5:1.
Planten (en ook algen) zijn opgebouwd uit een bepaalde verhouding van grondstoffen. En deze verschilt niet gigantisch veel
van plant tot plant. Deze verhouding wordt ook wel de Redfield ratio genoemd. De Redfield ratio geeft de verhouding aan
voor de aanwezige koolstof, stikstof en fosfor in planten. Deze Redfield ratio, of verhouding bedraagt C:N:P 106:16:1.
Wanneer we nu dus de verhouding op de Redfield ratio voor N:P op 16:1 proberen te houden dan is er zo min mogelijk over
voor algen en krijgen de planten genoeg binnen. Dit is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. Sterker gezegd in de
praktijk lukt dit gewoon helemaal niet!! Je kunt gewoon niet zo nauwkeurig meten zonder een half laboratorium aan
apparatuur, laat staan het continu op die verhouding te kunnen regelen.
In de naaststaande grafiek is e.e.a. wat grafischer weergegeven. Groene alg is wat meer verwant aan de planten dus op de
Redfield ratio van 16:1 is de kans op groene alg nog steeds wat groter dan de kans op blauwalg. Bij dalende ratio, dus
naar verhouding meer fosfor wordt de kans op blauwalg steeds groter. Aan de grafiek valt ook te zien, helaas....helaas,
dat welke verhouding stikstof/fosfor je ook hebt, de kans op alg is nooit nul! mooie waarden zijn ratio's zo tussen de
10:1 en 17:1 Maar zoals gezegd. Het is bijna onbegonnen werk er precies op te regelen.
Waar je deze kennis wel voor kunt gebruiken is om een behandelingsmethode voor blauwalg wat gefundeerder op te stellen.
En dat proberen we dus dan maar. Blauwalg groeit dus goed bij lage verhouding stikstof/fosfor, het is niet helemaal
korrekt maar we kunnen uitgaan van de nitraat en fosfaat waarden, die twee kunnen we tenminste meten. We kunnen dan voor
blauwalg de onderstaande behandelingen voorstellen.
Bijna geen nitraat te meten, wel wat fosfaat
Bestrijdingsmethode bestaat uit bevorderen nitraatgehalte
> Er is kans op een blauwalg die vrije N2 bind. Blauwalg afhevelen en terugbrengen in een donker filter. De blauwalg gaat
dood en brengt de opgenomen vrije stikstof in de stikstofkringloop. Hierdoor stijgt het stikstofaandeel t.o.v. het fosfor
aandeel. De verhouding wordt ongunstig beinvloed en de blauwalg verdwijnt. Ik heb zelf deze methode met succes toegepast.
Ik zou deze methode niet aanbevelen bij sterk ruikende blauwalg. Die kunnen bij het doodgaan nl. giftige stoffen
afscheiden, dus wees voorzichtig met deze methode.
> Gebruik fosfaatarm voer (in diepvriesvoer en bv hart, zit veel fosfaat)
> Drijfplanten nemen erg veel nitraat op, indien aanwezig geleidelijk uitdunnen
> Water uit het filter is vaak rijker aan nitraat dan in de bak zelf. Probeer de waterstroom uit het filter zo te richten
dat er ook voldoende nitraatrijk water langs de blauwalgen stroomt.
Weinig nitraat te meten, wel fosfaat
Bestrijdingsmethode bestaat uit bevorderen nitraatgehalte en verlagen fosfaat. bv door:
> Breng blauwalg terug in het filter, en kijk of het effect heeft, het kan dat de algen N2 binden maar da's bij lage
nitraat waarden niet zeker, proberen dus.
> Drijfplanten nemen erg veel nitraat op, indien aanwezig geleidelijk uitdunnen
> Hevel vuil van de bodem af, dit bind vaak veel fosfaat. Mulm in filter voorlopig laten zitten ivm stabiliteit van de bak
> Gebruik fosfaatarm voer (in diepvriesvoer en bv hart, zit veel fosfaat)
> Terugbrengen lichtniveau, de planten nemen dan minder nitraat en fosfaat op maar door de N:P verhouding van
16:1 voor planten werkt dit het sterkste door in het nitraat, vind ik zelf een wat mindere maatregel omdat het toch de
planten negatief beinvloed.
> Als leidingwater meer nitraat bevat dan het aquariumwater dan wat meer water verversen.
Als het water minder nitraat bevat dan het aquariumwater dan wat minder verversen
> Water uit het filter is vaak rijker aan nitraat dan in de bak zelf. Probeer de waterstroom uit het filter zo te richten
dat er ook voldoende nitraatrijk water langs de blauwalgen stroomt.
> Niet filteren over nitraatomzettende filters (denitrificatie), zeoliet of nitraatabsorberende harsen
> Eventueel toedienen kaliumnitraat (KNO3), zie ik meer als laatste redmiddel als de rest niet helpt.
Veel nitraat te meten, veel fosfaat
Bestrijdingsmethode bestaat uit verlagen fosfaat gehalte bv door:
> Algen niet terug in filter brengen! De nu aanwezige blauwalgen binden waarschijnlijk geen N2
> Gebruik fosfaatarm voer (in diepvriesvoer en bv hart, zit veel fosfaat)
> Is het visbestand niet te groot?
> Hevel vuil van de bodem af, dit bind vaak veel fosfaat. Mulm in filter evt ook verwijderen
> Terugbrengen lichtniveau, de planten nemen dan minder nitraat en fosfaat op maar door de N:P verhouding van 16:1 voor
planten werkt dit het sterkste door in het nitraat, vind ik zelf een wat mindere maatregel omdat het toch de planten
negatief beinvloed.
> Gebruik voor verversen nitraat en fosfaatarm water om hoge fosfaat en nitraat niveau omlaag te halen bijv. Regen of
osmosewater
> Bijplaatsen snelgroeiende planten die nitraat en fosfaat opnemen
> Niet filteren over nitraatomzettende filters (denitrificatie), zeoliet of nitraatabsorberende harsen
> Water uit het filter is vaak rijker aan nitraat dan in de bak zelf. Probeer de waterstroom uit het filter zo te richten
dat er ook voldoende nitraatrijk water langs de blauwalgen stroomt.
Er is een gunstige verhouding Stikstof/Fosfor groter dan 20:1 en toch blauwalg
> Kijk of er ter plekke van de blauwalg geen faktoren zijn die de verhouding verschuiven bv door in- en uitstroom
Bijv. uit een filter is het water meestal nitraatrijker dan in de bak zelf.
> vervangen verlichting door warmer (geliger) licht, verlagen pH en/of meer zuurstof inbrengen schijnt soms ook positieve
resultaten te hebben.
En verder is belangrijk, geduld.......de maatregelen werken niet altijd binnen een paar dagen. Dus pas een faktor aan en
wacht even af wat de effekten zijn. En niet teveel maatregelen tegelijk. Met geduld kom je een heel stuk verder dan
overspannen alles tegelijk doen om de blauwalg weg te krijgen.
Vooral het verwijderen van hoge fosfaatwaarden kan soms lastig zijn bij de blauwalg bestrijding door buffereffekten
waarbij fosfaten binden aan vuil op de bodem en in het filter. Bij verversen met fosfaatarm water gaat een deel dan weer
in oplossing waardoor we nog steeds hoge fosfaatwaarden blijven houden. Volhouden met het verversen is dan het devies
totdat uiteindelijk de buffereffekten afnemen.
Het toedienen van ijzerpreparaten bij hoge fosfaatwaarden kan er ook toe leiden dat ijzerfosfaat neerslaat op de bodem en
in het filter en zo leiden tot naderhand sterke buffereffekten. Dit kan er op zich toe lijden dat door het uit het water
halen van het fosfaat de blauwalg op bladeren e.d. verdwijnt maar verhoogt weer de kans op blauwalg op plaatsen waar het
ijzerfosfaat neerslaat (bodem). Dus alleen ijzer toedienen bij lage fosfaatwaarden en alleen gechelatiseerd ijzer
gebruiken.
|
Copyright Aquariumhobby Nijverdal
© 2002
|